Interview: Stationsgebied Leiden wordt stedelijke hotspot

Na jaren van onvrede over de uitstraling van het stationsgebied in Leiden, lijkt daar met de nieuwbouw van het multifunctionele gebouw Lorentz een einde aan te komen. Het zogenaamde ‘gat van Van der Putte’ toveren we, Hurks en Van Wijnen, om tot nieuwe stedelijke hotspot. De eerste fase is nu in aanbouw en omvat een tweetal woontorens op een vierlaagse plint. Het uiterlijk voelt stedelijk en dynamisch aan en past daarmee goed binnen de herontwikkeling van het Stationsgebied, welke een fraaie aansluiting tussen de historische binnenstad en het Bio Science Park tot stand brengt.

Jaren van onvrede

“Op de plek waar we Lorentz realiseren, bevond zich jarenlang een bouwput”, vertelt Stefan de Ruijter, projectdirecteur bij Hurks bouw en vastgoedontwikkeling. “Nadat de grond verkregen was door Van der Putte is er door allerhande gedoe nooit verder gebouwd en zo lag het gebied, een enorme bouwput, er jarenlang troosteloos bij. Niet bepaald representatief voor de stad die bekend wil staan als één van de prominentste universiteits- en kennissteden binnen Europa.”

Oplossing
Er zijn verschillende pogingen gedaan om een plan te ontwikkelen op deze plek. Uiteindelijk hebben we samen met Hurks de combinatie gevormd de handschoen opgepakt met een doordacht plan waar ook afnemer Syntrus Achmea en de gemeente Leiden in geloofden. “Lorentz is ontworpen door architectenbureau Neutelings Riedijk Architecten en heeft een oppervlakte van maarliefst 50.000 m2. Het bestaat uit een donkerkleurige onderkant, ook wel plintgebouw, met commerciële ruimten, een parkeergarage en een fietsenkelder voor 4.800 fietsen. Bovenop het plintgebouw verrijst een tweetal torens met in totaal 167 huurappartementen inclusief een aantal penthouses. De tweede fase van Lorentz bevindt zich nog in de ontwikkelingsfase en omvat ca. 16.000 m2 kantoren met bijbehorende parkeervoorzieningen ”

Duurzaam met BREEAM
“Leiden is gewoon een hele leuke stad”, steekt Martin de Jong, vestigingsdirecteur bij Van Wijnen Dordrecht van wal. “Jong en dynamisch. Het is dan ook heel bijzonder om een bijdrage te mogen leveren aan het verbeteren en toekomstbestendig maken van deze plek. Elke dag lopen en fietsen hier circa  40.000 mensen langs. Straks kunnen zij gebruikmaken van alles wat Lorentz te bieden heeft.  Je kunt in de fietsenstalling je fiets parkeren, maar hier ook werken of shoppen. De kantoren zijn ontworpen en worden gerealiseerd volgens de BREEAM-NL ‘Very Good’ certificering. BREEAM-NL is een beoordelingsmethode om de duurzaamheidsprestatie van gebouwen te bepalen.”

Mijlpaal
“Een binnenstedelijke uitdaging”, zo omschrijft Martin het bouwproces. “We realiseren Lorentz naast het Leidse treinstation en vlakbij de binnenstad. Dat vraagt om een goede organisatie van processen, zoals de logistiek. We moeten hier zeer gestructureerd werken op een postzegel. We geven de veiligheid op en rond de bouwplaats dan ook de hoogste prioriteit. Daarnaast is goede communicatie met de omgeving, afstemming met alle betrokken partijen en het voorkomen van hinder en overlast van groot belang voor het slagen van dit project.” Zo boden het ontgraven van de bouwput en het realiseren van de fietsenkelder de nodige uitdagingen. “De kabels en leidingen lopen hier op een paar centimeter naast de bouwgrens. Om te voorkomen dat hier schade zou ontstaan, hebben we verschillende technieken toegepast om risico’s uit te sluiten.” De eerste mijlpaal hebben we inmiddels gerealiseerd. “Nu de betonnen keldervloer klaar is, kunnen we verder met de opbouw. Het is onze planning om in de zomer van 2018 op hoogte te zijn. Het hele plan moet medio 2019 klaar zijn.”

Trots
Op de vraag wat dit project zo bijzonder maakt, is het antwoord van Stefan: “Door geloof in de locatie, vertrouwen in elkaars kracht en goede samenwerking met alle partijen is het gelukt dit gecompliceerde plan in een oplossing om te zetten.” Martin vult hem aan: “Een plek waar zoveel negatiefs over is gemeld, dat daar nu positief over gesproken wordt. We dragen iets positiefs bij aan deze stad en daar zijn we trots op!”

Bron: Stedenbouw